Nieuwe Wet bescherming klokkenluiders van kracht

Eindelijk is het er door: de Wet bescherming klokkenluiders vervangt de Wet Huis voor klokkenluiders. Nadat eerst de Tweede Kamer eind 2022 al akkoord was met het wetsvoorstel, is nu ook de Eerste Kamer in januari 2023 akkoord gegaan. Met de nieuwe wet worden klokkenluiders beter beschermd. Wat verandert er?

Klokkenluiders
Eerst even een stapje terug. Wat zijn klokkenluiders ook alweer? Klokkenluiders zijn mensen die (ernstige) vermeende misstanden binnen een organisatie aan de grote klok hangen, bijvoorbeeld fraude, belangenverstrengeling en mismanagement. Meldingen van misstanden binnen een organisatie kan de organisatie veel negatieve publiciteit opleveren. Dit kan voor de klokkenluider zelf ook veel risico opleveren, zoals een verstoorde arbeidsrelatie of zelfs ontslag.

Verplichte interne meldprocedure
Eén van de belangrijkste gevolgen van de nieuwe wet is dat meer werkgevers een interne meldprocedure voor (vermoedens van) misstanden moeten hebben. In de nieuwe wet worden namelijk ook stagiairs en vrijwilligers die een vergoeding voor hun werkzaamheden ontvangen, betiteld als werknemers. Hierdoor voldoen meer werkgevers aan de ondergrens voor het verplicht instellen van een interne meldprocedure. Dat is vanaf vijftig werknemers verplicht. Deze wijziging houdt ook in dat deze stagiaires en vrijwilligers, en in principe iedereen die met de organisatie te maken heeft, een vermeende misstand kan melden. Dus ook bijvoorbeeld sollicitanten, vrijwilligers, zzp’ers en aandeelhouders.

Strengere eisen meldprocedures
Voor de interne meldprocedures gaan strengere regels gelden. Werkgevers moeten vastleggen op welke manier een melding kan worden gedaan. Is er een melding gedaan dan moet de melder binnen zeven dagen een ontvangstbevestiging krijgen en binnen drie maanden informatie over de beoordeling en eventuele opvolging van zijn melding. Klokkenluiders hebben het recht om volledig anoniem melding te kunnen maken van een (vermoedelijke) misstand. Verder wordt het voor werkgevers verplicht om de meldingen bij een speciaal register aan te melden.

Geen verplichte interne melding
Daarnaast is een belangrijke wijziging dat onder de nieuwe wet de klokkenluider niet meer verplicht is eerst intern te melden. Klokkenluiders kunnen ook direct melden bij bevoegde autoriteiten, zoals het Huis voor klokkenluiders, de Autoriteit persoonsgegevens of de Autoriteit Financiële Markten. Deze instanties moeten ook bescherming bieden aan de klokkenluider bij een melding van een vermoedelijke misstand. Bij de externe melding blijft de melder zijn bescherming behouden. Eerst intern melden blijft wel de voorkeur houden en zal zoveel mogelijk worden gestimuleerd.

Uitbreiding van het benadelingsverbod
Het benadelingsverbod is uitgebreid in de nieuwe wet. Het verbod richtte zich eerst op de rechtspositie van de melder, zoals schorsing, ontslag, degradatie, onthouden van bevordering, loonsverlaging en verandering van werklocatie. In de nieuwe wet richt het verbod zich op élke vorm van benadeling, zoals bijvoorbeeld ook het plaatsen op een zwarte lijst, het weigeren om een referentie te geven, pesten, intimideren en uitsluiting. Het wetsvoorstel bevat in dit verband een niet-limitatieve lijst van benadelingshandelingen. Onder het benadelingsverbod vallen straks niet alleen natuurlijke personen, maar ook rechtspersonen die een melder bijstaan. Ook interne onderzoekers, dat wil zeggen degenen die opvolging geven aan een interne melding en een interne melding in ontvangst nemen. Een melder kan straks ook bij openbaarmaking (aan bijvoorbeeld de media) de bescherming van het benadelingsverbod inroepen. Nu kan een melder bij openbaarmaking alleen een beroep doen op de vrijheid van meningsuiting.

De werkgever krijgt bewijslast
De bewijslast bij vermeende benadeling na een melding verschuift naar de werkgever. Dit houdt in dat de werkgever moet aantonen dat de mogelijke benadeling geen verband houdt met de melding. Ook komt er een specifiek verbod op zwijgbedingen voor klokkenluiders. De ondernemingsraad (OR) had al instemmingsrecht bij de invoering, wijziging of intrekking van een klokkenluidersregeling. Voor werkgevers die niet verplicht zijn om een OR te hebben, geldt dat zij instemming moeten hebben van de meerderheid van de werknemers bij de vaststelling van de interne meldprocedure. Deze verplichting geldt niet als de meldprocedure is geregeld bij cao.

Achtergrond
Sinds juli 2016 is de Wet Huis voor klokkenluiders van kracht. Deze wet verplicht werkgevers met minstens 50 werknemers om een interne meldregeling in te stellen om het vermoeden van een misstand intern te kunnen melden (een zogeheten klokkenluidersregeling). Eind 2019 nam de Europese Unie de Klokkenluidersrichtlijn (Richtlijn (EU) 2019/1937) aan. Deze richtlijn beoogt klokkenluiders te beschermen die inbreuken op het Unierecht melden. Slechts negen (van de 27) lidstaten, waaronder Nederland, voorzagen destijds in wetgeving om klokkenluiders te beschermen. Deze richtlijn moest uiterlijk 17 december 2021 worden omgezet in nationale wetgeving: in Nederland middels de Wet bescherming klokkenluiders die de Wet Huis voor Klokkenluiders vervangt. Deze deadline werd door Nederland niet gehaald. Geen vlot begin dus van de Wet bescherming klokkenluiders, schreef mr. dr. Caroline Raat in een eerdere blog op onze site. Inmiddels zijn zowel de Eerste als de Tweede Kamer akkoord gegaan.