Vertrouwenspersoon in het onderwijs (mbo)

vp in mbo

Als vertrouwenspersoon in het onderwijs krijg je te maken andere vraagstukken dan binnen reguliere bedrijven en organisaties. Zo geldt binnen het mbo een eigen wet- en regelgeving. Instellingen in het mbo zijn verplicht om beleid te voeren ter bevordering van de sociale veiligheid. Vanuit de Arbowet zijn scholen verplicht om medewerkers en leerlingen te beschermen tegen psychosociale arbeidsbelasting (PSA). De Arbowet is uitgewerkt in de cao bve/mbo.

Binnen het onderwijs heeft het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en hbo/wetenschappelijk onderwijs een eigen wetgeving. Dit heeft o.a. te maken met de verschillende leeftijdscategorieën van leerlingen en studenten. Zo heb je binnen het basis- en voortgezet onderwijs te maken met minderjarige leerlingen, zo ook in het mbo. Voor leerlingen onder de 16 jaar geldt een meldplicht naar ouders/verzorgers. Boven 18 jaar zijn studenten meerderjarig en beslissingsbevoegd.

Type vertrouwenspersonen
Een mbo-instelling kan kiezen voor een brede formatie aan vertrouwenspersonen, in relatie tot de omvang van de school. Hier is geen criteria voor vastgesteld, de keuze ligt binnen de beslissing van de school. Het advies is om een aparte vertrouwenspersoon aan te stellen voor leerlingen als voor leerkrachten. Hiermee wordt een verstrengeling voorkomen wanneer zowel een leerling als leerkracht betrokken is bij een klacht. Ook de aanspreekvorm richting leerlingen en leerkrachten is anders.

Intern of extern vertrouwenspersoon
De rol van de vertrouwenspersoon wordt in de meeste gevallen vervuld door een docent of door ander onderwijs gerelateerd personeel. Denk aan een maatschappelijk werker, of schoolarts. Naast interne vertrouwenspersonen kiezen mbo-instellingen vaak ook voor het aanstellen van een extern vertrouwenspersoon. Een extern vertrouwenspersoon biedt uitkomst wanneer een leerling of leerkracht onvoldoende veiligheid ervaart om naar de intern vertrouwenspersoon te stappen. Bijvoorbeeld wanneer de betreffende vertrouwenspersoon nauw betrokken is bij de leerling of leerkracht.

Wij adviseren om de rol van de vertrouwenspersoon niet te combineren met een functie als bestuurder, binnen HR, of in de medezeggenschapsraad.

Basistaken van de vertrouwenspersoon
De volgende taken vormen de basis voor het werk van de vertrouwenspersoon:

  1. Opvang en ondersteuning: als vertrouwenspersoon vang je de klager op en bied je ondersteuning bij het intern oplossen van de klacht. Hierbij gaat het om klachten van ongewenst gedrag zoals pesten, (seksuele) intimidatie, discriminatie, agressie/geweld en machtsmisbruik. 
  2. Ondersteuning bij vervolgstappen: als vertrouwenspersoon los je niets op voor de klager en bemiddel je niet tussen klager en aangeklaagde. Je adviseert en ondersteunt bij mogelijke vervolgstappen die de klager (intern en extern) kan zetten om tot een oplossing te komen. Intern kan dit zijn een gesprek tussen klager en aangeklaagde, of de klacht neerleggen bij de schoolleiding of het bestuur. Voorbeelden van externe vervolgstappen zijn de klacht indienen bij een klachtencommissie, of aangifte doen bij politie/justitie.
  3. Voorlichting: om een actieve bijdrage te leveren aan een veilig schoolklimaat geeft de vertrouwenspersoon voorlichting en organiseert activiteiten ter preventie.
  4. Gesprekspartner en beleidsadviseur: op basis van de jaarrapportage bespreekt de vertrouwenspersoon de sociale veiligheid binnen de school. Hij of zij geeft hierbij gevraagd en ongevraagd advies.

Meld- en aangifteplicht
In het geval van vermoedens van seksueel misbruik (zedenmisdrijf), dan geldt in een aantal gevallen de meld-, overleg- en aangifteplicht. In deze gevallen komt de geheimhoudingsplicht als vertrouwenspersoon te vervallen. Het protocol dat aansluit bij het vervallen van de geheimhoudingsplicht is ‘Vertrouwelijkheid tenzij’. Dit betekent: alles is vertrouwelijk, tenzij de klacht/melding strafbaar is en de vertrouwenspersoon als burger een aangifteplicht heeft. Alles wat in het grijze gebied ervoor valt, kan ervoor dat je als vertrouwenspersoon in gewetensnood komt.

Het protocol ‘doorbreken van geheimhoudingsplicht/vertrouwelijkheid’ is vastgesteld bij het LVV. Lees de gedragsregels

Wanneer loopt de vertrouwelijkheid in het geding wanneer gedrag niet valt onder de aangifteplicht, maar wel zeer schadelijk is? Voor deze situaties is het protocol ‘doorbreken vertrouwelijkheid’ ingeroepen. Dit protocol is wanneer de vertrouwenspersoon op grond van een conflict van plichten of gewetensnood zich genoodzaakt voelt om de geheimhoudingsplicht te doorbreken.

Aandachtspunten
De volgende aandachtspunten zijn belangrijk bij het succesvol uitoefenen van de functie:

  • Een goede intervisie is belangrijk om mee te sparren. Dit kan intern vervuld worden binnen het team van vertrouwenspersonen. Echter, wij adviseren ook een intervisiepartner buiten de instelling. Bij het sparren is het van belang dat de anonimiteit van de klager gewaarborgd blijft. Wanneer dit intern niet mogelijk is, biedt een intervisiegroep buiten de instelling een oplossing.

Wij organiseren regelmatig intervisiebijeenkomsten op diverse locaties. Professionele begeleiding is hierbij aanwezig.

  • Als vertrouwenspersoon is de vindbaarheid voor leerlingen en leerkrachten cruciaal. Daarbij is het van belang dat de privacy van de klager gewaarborgd blijft wanneer hij of zij zich tot de vertrouwenspersoon wendt.
  • Je bent als vertrouwenspersoon op de hoogte van de wet waar de instelling onder valt. Er is een duidelijke afbakening van de taken en kaders, een heldere taakomschrijving en beleid over omgangsvormen. Ook ben je op de hoogte van de klachtenregeling en de procedure bij een klachtencommissie.
  • Ouders of verzorgers van leerlingen tot 18 jaar kunnen zich wenden tot de vertrouwenspersoon. Bij 18+ leerlingen worden ouders of verzorgers doorverwezen naar de directie/bestuur.

Andere belangrijke rollen

Onderwijsinspectie
Bij meldingen van seksuele intimidatie onder 18 jaar geldt een meldingsplicht aan de onderwijsinspectie. Binnen de onderwijsinspectie is een inspecteur aangesteld die rechtstreeks rapporteert aan de minister op dit thema. 

Anti-pestcoördinator
Een anti-pestcoördinator zorgt ervoor dat pesten eerder gesignaleerd wordt en dat er een pestprotocol aanwezig is dat deel uitmaakt van het sociaal veiligheidsbeleid van de school. De vertrouwenspersoon heeft jaarlijks contact met de anti-pestcoördinator en kan eventueel klagers doorverwijzen.

Decaan
Een decaan is fungeert als klankbord voor leerlingen. Hij of zij kan leerlingen doorverwijzen naar de vertrouwenspersoon.

Ombudslijn mbo
De Ombudslijn MBO is een onafhankelijke partij die zorgt voor een adequate behandeling en afhandeling van klachten waarbij zowel recht wordt gedaan aan de belangen van de leerling als die van de school. Via JOBMBO kunnen mbo-leerlingen klachten indienen of vragen stellen over de school.

Wil je jezelf ontwikkelen tot vertrouwenspersoon in het onderwijs? In ons Landelijk Netwerk van Vertrouwenspersonen zijn verschillende type vertrouwenspersonen aangesloten. Neem gerust contact op voor meer informatie.